HAS Food Trend College: Gezonde Misleiding

1584 keer bekeken

 reacties

“De voedselomgeving misleidt ons,” begint dagvoorzitter Annet Roodenburg het Food Trend College met als thema Gezonde Misleiding. Met het thema wil Roodenburg het spanningsveld tussen hypes en betrouwbare informatie die belangrijk is voor de gezondheid zichtbaar maken. Misleiding is een opzettelijke en geslaagde poging om een onjuiste indruk te wekken. Wetgeving moet ons behoeden voor misleiding, het etiket moet ons helpen om een gezonde keuze te maken. Maar doen ze dat ook?

Het Food Trend College: Gezonde Misleiding was één van de tien bijeenkomsten waar studenten, professionals en andere experts met elkaar in gesprek gingen over actuele thema’s binnen de foodsector. Het initiatief moet onder meer studenten inspireren om de gezondheid van de consument als hun verantwoordelijkheid te zien. Tijdens het event deelden de gastsprekers Inge Stoelhorst, (beleidscoördinator van Ministerie van VWS) en Loek Pijls (oprichter Loekintofood, adviseur voor bedrijfsleven en overheid, daarvoor werkzaam bij Coca-Cola en Nestlé), ieder hun perspectief op het onderwerp misleiding op het etiket en gezonde keuzes. Dit ter voorbereiding voor het debat dat met de zaal ging plaatsvinden.

We maken niet de gezonde keuzes

Het aantal Nederlanders dat lijdt aan welvaartsziekten groeit [1-3]. “Overgewicht en obesitas leiden tot diabetes, hart- en vaatziekten en kanker,” stelt Annet Roodenburg in haar openingswoord. “Laagopgeleide Nederlanders leven gemiddeld zes jaar korter dan hoogopgeleiden en worden gemiddeld negentien jaar eerder ziek [4].” Dit heeft volgens de dagvoorzitter voornamelijk te maken met levensstijl. “Voeding speelt hierbij een grote rol, mede dankzij het feit dat ongezonde keuzes vaak de makkelijke keuzes zijn.” Daarnaast noemt ze ook het spanningsveld tussen hypes en informatie die relevant is voor de gezondheid, en hoe de consument het onderscheid tussen de twee soms lastig vindt. “Hypes herken je aan superfoods als kokosvet en E-nummer-vrije producten, maar informatie die relevant is voor de gezondheid over zout, suiker, verzadigd vet en totale energie-inname.”

Om consumenten van betrouwbare informatie te voorzien zodat zij gezonde keuzes kunnen maken, ontwikkelde het Voedingscentrum de Schijf van Vijf, waarin groente, fruit en volkorenproducten de hoofdrol spelen. Ook laat de Schijf nog ruimte over voor af en toe wat lekkers. Gezond eten hoeft dus niet moeilijk te zijn. Maar de statistieken laten wat anders zien. Hoe kan de consument beter geholpen worden bij het maken van gezondere keuzes?

Wetten om misleiding tegen te gaan

Inge Stoelhorst, beleidscoördinator van het Ministerie van VWS, neemt het stokje over. “Het etiket bestaat uit wettelijke en commerciële informatie. Omdat deze samenstelling van informatie op het etiket het gedrag van consumenten kan beïnvloeden, heeft de Europese wet duidelijke eisen gesteld aan wat er precies op staat.” Stoelhorst licht twee van deze wetten toe: verordeningen 1169/2011 en 1924/2006. De eerste verordening heeft betrekking op de vermelding van voedingswaarden. Zo is het sinds 2016 verplicht om voedingsinformatie in een vaste volgorde op het etiket te plaatsen: energie, vetten, koolhydraten, eiwitten en zout. Ook mineralen en vitamines worden vaak vermeld. De vermelding van vezels is niet verplicht, alhoewel het Ministerie van VWS hier wel voor pleit. De tweede verordening heeft betrekking op voedings- en gezondheidsclaims en heeft als doel om de consument te helpen bij het maken van gezonde voedselkeuzes, om de consument te voorzien van heldere voedingsinformatie, om te beschermen tegen misleiding en om te waarschuwen voor allergenen.

“Voordat deze wet werd ingesteld, mochten fabrikanten letterlijk alles claimen wat zij wilden, waardoor er duizenden voedings- en gezondheidsclaims ontstonden,” vertelt Stoelhorst. Veel bedrijven waren dan ook voorstander van deze strenge wetgeving, dit waren vooral bedrijven die, in tegenstelling tot hun concurrenten, wetenschappelijk onderzoek uitvoerden om hun claims te kunnen onderbouwen. Sinds de invoering van deze wet bestaan er nog maar 30 erkende voedingsclaims en 261 gezondheidsclaims. “Bovendien zijn er procedures opgesteld zodat bedrijven hun wetenschappelijk onderbouwde claims bij de European Food Safety Authority (EFSA) kunnen indienen. Op basis van de beoordeling van de EFSA keurt de Europese Commissie, samen met Europese lidstaten, claims goed of af.”

Onbewuste misleiding en bewuste vertekening

Beleidsadviseur Loek Pijls beargumenteert zelfs dat de huidige wetgeving eigenlijk niet dekkend genoeg is, doordat deze zich voornamelijk richt op bewuste misleiding. We zijn namelijk veel irrationeler dan we graag willen denken. En deze irrationaliteit is volgens Pijls zeer voorspelbaar. “Zo hebben onderzoekers ontdekt dat consumenten onbewust bereid zijn meer geld te betalen voor een fles champagne wanneer het geelgekleurde etiket een lichtere tint heeft dan normaal. Ook blijkt dat mensen informatie eerder geloven wanneer zij het vaker tegenkomen. Hiervoor hoeft de informatie niet eens te kloppen.” Misleiding kan dus ook onbewust plaatsvinden. De regulering van communicatie rondom voedsel, zoals op het etiket, is volgens Pijls dan ook van belang. “In boeken kan je echter de grootste onzin over voedsel schrijven zonder hiervoor vervolgd te worden. Ook zijn er weinig regels over het begrip ‘natuurlijk’”, wat volgens Pijls een non-begrip is. “Alles is eenmaal natuurlijk, of niets. Tegenwoordig is alles wat wij eten een aangepaste versie van wat het vroeger was, aangezien de mens ingreep.”

Voeding voor gesprek

De sprekers hebben de zaal opgewarmd voor een debat aan de hand van een aantal stellingen.

In de Victoriaanse tijden moest men bij het kopen van bloem bij de molenaar altijd checken of het niet gips en water was.

Stelling één: Misleiding is niet te voorkomen, want de waarheid is niet aantrekkelijk (of smakelijk) genoeg.

“Nee”, vindt de meerderheid. “Als je [als consument] kennis hebt, kan je goede keuzes maken en kan je niet misleid worden.” Bestaat er wel zoiets als een objectieve waarheid? “Wat voor mij waarheid is, is dat niet voor mijn buurvrouw. In zekere mate worden wij daarom altijd misleid.” Zou dit de reden zijn geweest dat sommige mensen de “vegetarische kipstuckjes” en “visvrije gamba’s” van De Vegetarische Slager misleidend vonden, waarvoor het bedrijf een schriftelijke waarschuwing van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit kreeg? “Nee, dat was een storm in een glas water, geen misleiding.” In de zaal wordt gesuggereerd dat het vroeger onschuldiger tijden waren, omdat ons voedsel toen minder complex was. Daar wordt door een docent van de HAS korte metten meegemaakt: “In de Victoriaanse tijden moest men bij het kopen van bloem bij de molenaar altijd checken of het niet gips en water was.”

Stelling twee: Als de ingrediëntendeclaratie op [de achterkant van] het etiket klopt, kan er geen sprake zijn van misleiding.

“De fabrikant heeft een morele plicht om niet te misleiden. Genoeg mensen hebben geen kennis over voeding. Als jij degene bent die voeding aanbiedt, ben je verantwoordelijk voor wat je aanbiedt. Jij bent de expert, jij moet ontzorgen.” Maar daarin zit een praktisch probleem. “Dan krijg je een ontzettend lang etiket. Uitleggen wat een emulgator is? Ik zou willen dat je het etiket makkelijker kon maken, maar dat is niet altijd te doen. Dan is er wetgeving.”  Die wetgeving verplicht om op de achterkant van een product te zeggen wat er in zit. “Wat erop staat is wat erin zit. Alleen kan er sprake zijn van misleiding omdat mensen niet snappen wat er staat. Dan is het aan de persoon zelf, als ze dat belangrijk vinden, om dat uit te zoeken.”

We willen ook misleid worden, we willen niet de absolute waarheid weten.

Hoe zit het dan als er geen objectieve waarheid is? “Ik denk zeker wel dat er sprake van misleiding kan zijn door de voorkant. We kunnen allemaal lezen wat er op de achterkant staat. Maar we willen ook misleid worden, we willen niet de absolute waarheid weten.” Heeft dit te maken met de irrationaliteit waar Pijls het over had, niet altijd willen nadenken maar onbewust keuzes willen maken? Dagvoorzitter Annet voegt toe dat wetgeving zich richt op veel misleiding die niet met de ingrediëntendeclaratie te maken heeft. “Een claim is niet alleen dat wat er gezegd wordt, maar ook wat er gesuggereerd wordt.”

Stelling drie: Misleiding is een kwaliteitsprobleem en zou daarom openlijk bekend moeten worden gemaakt (net als chemische en microbiologische veiligheidsissues).

De vraag is: “Kunnen we een groep als foodwatch of Consumentenbond iets meer institutionaliseren?” Foodwatch organiseert elk jaar een publieksverkiezing voor het meest misleidende product, het Gouden Windei. De Consumentenbond startte afgelopen september de campagne “Dit deugt niet”, waarbij de vereniging consumenten oproept een petitie voor eerlijke informatie op voedselverpakkingen te ondertekenen. Dat kan de consument immers informeren en bewustzijn creëren. Maar hebben we hiervoor niet al de Reclame Code Commissie? Daar mag je als consument klachten indienen. Iemand in de zaal stelt dat dit niet een kwaliteitsprobleem is, maar een integriteitsprobleem. “Wie is de baas over wat er over een product gezegd wordt? Niet de wetenschapper, maar de marketing manager. Daar zit in de foodindustrie een zwakte. Degene die verantwoordelijk is voor het etiket is degene die zorgt voor de omzet.”

Degene die verantwoordelijk is voor het etiket is degene die zorgt voor de omzet.

Stof tot nadenken

De discussie met de drie stellingen geeft genoeg stof tot nadenken. Kan wetgeving scherper, of moeten wij ons gewoon beter informeren zodat we het etiket kunnen lezen? We hebben te maken met een spanningsveld tussen de voorkant en de achterkant van het etiket. Is kennis macht en daarmee de oplossing tegen misleiding? Want op het moment dat je een product pakt kun je je afvragen waarom je dat doet, en kun je met de kennis die je hebt, beslissen of iets goed of niet goed is. En tot slot: moet er binnen de industrie een omslag komen in wie er verantwoordelijk is voor het etiket?

Het gesprek