Minister van Voedsel voor duurzaam voedselbeleid
Herman Lelieveldt

Herman Lelieveldt

Politicoloog, University College Roosevelt

1581 keer bekeken

 reacties

Laten we bij het begin beginnen. Hoe kan de politiek überhaupt het beste invloed hebben op het verbeteren van ons voedselsysteem? Herman Lelieveldt noemt de oplossing in zijn boek De voedselparadox. Wat ons streven naar beter eten dwarsboomt: de problemen binnen ons voedselsysteem zijn nu ondergebracht in afzonderlijke departementen. Liever ziet Lelieveldt een minister van Voedsel in het komende kabinet.

In het afgelopen jaar heeft zich een stille revolutie voltrokken rondom de vraag hoe wij de problemen in ons voedselsysteem het beste kunnen aanpakken. Vrijwel iedereen is het er nu namelijk over eens dat ons landbouwbeleid plaats moet maken voor een voedselbeleid. Alleen op die manier slagen we er in om bij de productie en de consumptie van ons eten meer rekening te houden met milieu, volksgezondheid en dierenwelzijn, en ons voedselsysteem echt te verduurzamen.

Met de verkiezingen in zicht hebben we een unieke kans om het voedselbeleid een steviger fundament te geven in de komende kabinetsperiode

De voedselagenda van Van Dam

Aangespoord door de Tweede Kamer heeft staatssecretaris Van Dam het afgelopen jaar de eerste aanzetten tot een voedselbeleid gegeven door het uitbrengen van een voedselagenda. Maar met de verkiezingen in zicht hebben we een unieke kans om het voedselbeleid een steviger fundament te geven in de komende kabinetsperiode.

 

Een nieuw ministerie…

Als we dat echt willen dan moeten we de bewindspersoon uit het bastion van de landbouw – dat nu bij Economische Zaken zit – weghalen. We kunnen dat op twee manieren doen. De eerste is het reorganiseren van beleidsterreinen en het opzetten van nieuwe ministeries, zoals het door de Partij voor de Dieren voorgestelde ministerie van Voedsel en Landbouw, of het door GroenLinks bepleite ministerie van Klimaat en Duurzame Economie. Of dit soort reorganisaties echter goed uitpakt, is altijd maar de vraag: als de landbouwambtenaren eenvoudigweg van het ene naar het andere departement worden overgeheveld, garandeert dat nog niet dat het voedselbeleid tussen de oren zit.

Wie de voedselagenda bij één departement onderbrengt, loopt het gevaar dat andere departementen zich daar niet meer zo verantwoordelijk voor voelen

…of een nieuwe minister?

Een andere optie is om niet te gaan morrelen aan de organisatie van de ministeries, maar een speciale bewindspersoon te belasten met het verder vormgeven van de voedselagenda. We zouden zo’n minister voor voedselbeleid kunnen modelleren naar het voorbeeld van de minister van Grotestedenbeleid. Die zat er zo’n jaar of tien en zorgde ervoor dat de problemen in de stad nu eens integraal bezien werden, en niet steeds door de bril van afzonderlijke departementen. Dat is nu precies wat er ook met de problemen rond voedsel gebeuren moet. Wie de voedselagenda bij één departement onderbrengt, loopt het gevaar dat andere departementen zich daar niet meer zo verantwoordelijk voor voelen. Met een minister zonder departement loop je dat gevaar niet. Zo’n persoon moet dan natuurlijk wel het recht krijgen om zich met alle beleidsterreinen waar voedselbeleid een rol speelt te bemoeien. En hij moet minister zijn, zodat hij iedere vrijdag de collega-ministers kan aanspreken en ze kan aanmoedigen tot een toekomstbestendig voedselbeleid te komen.

Toekomst voedselbeleid

Als politicoloog weet ik maar al te goed dat institutionele veranderingen niet zaligmakend zijn. Maar we kunnen de redenering ook omkeren: als de nieuwe regeringsploeg besluit tot het aanstellen van een bewindspersoon die zich specifiek met voedsel bezig gaat houden, dan laat dat zien dat er de komende jaren voldoende politieke wil is om het voedselbeleid in de steigers te zetten. Daarmee heeft de nieuwe minister een stevig mandaat om zich met al het beleid dat relevant is voor ons voedsel te bemoeien en daadwerkelijk de bakens te verzetten.


Het gesprek