Over suikers en conserveringsmiddelen: hoe veilig is ons fruitbeleg?

1486 keer bekeken

 reacties

Waar je vroeger nog kon kiezen tussen een potje jam of marmelade is de keuze aan fruitbeleg in de supermarkt de laatste jaren explosief gegroeid. Zo bracht jam-producent Hero recentelijk het product: Hero Minder Zoet op de markt, met minder suiker maar met het conserveringsmiddel kaliumsorbaat (E202). Welke afwegingen hebben ze moeten maken? En hoe gezond en veilig zijn dit soort producten? Daarover gingen we in gesprek met Bertine Philipsen en Frank Degenaar van de afdeling Research & Development van Hero.

Er zijn wettelijke eisen aan het gebruik van de productnaam jam verbonden. Dat verklaart de alternatieve termen zoals vruchtenspreads of fruitbeleg.

Wanneer mag je een product jam noemen?

Frank: “Vroeger moest een product 60% suiker bevatten om jam te mogen heten. Deze grote hoeveelheid suiker heeft naast een zoete smaak een conserverende werking en maakt het veilig om jam zonder kunstmatige toevoegingen langer te bewaren. Jams zijn ook gebonden aan een wettelijke hoeveelheid fruit. Voor extra jam is dat ten minste 45%. Ook mogen er geen aroma’s aan worden toegevoegd.”

Bertine: “Deze eisen zijn bepaald door Europese wetgeving. In bepaalde gevallen is er de mogelijkheid om deze op lokaal niveau te wijzigen. In Nederland loopt dat via het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Hero heeft de afgelopen twee jaar gepleit voor een verlaging van het wettelijk verplichte percentage van 60% naar 50% suiker in jam. Uiteindelijk is het 55% geworden omdat dat in lijn is met de wetgeving in andere Europese landen zoals Duitsland en Frankrijk. Die wijziging is sinds 1 juli 2017 actief. Je mag overigens een product met minder dan 55% suiker wel ’jam met een verlaagd suikergehalte’ noemen, als het suikergehalte ten minste 30% verlaagd is. Sterker nog, je moet het zelfs zo noemen als aanduiding op het etiket.”

Met de huidige technieken is het niet nodig om zoveel suiker te gebruiken om een product veilig te kunnen bewaren

Waarom hebben jullie gepleit voor een verlaging van het wettelijk bepaalde percentage suiker dat in jam hoort te zitten?

Frank: “Omdat zoveel suiker niet goed is voor onze gezondheid en het de smaak lang niet altijd ten goede komt. Bovendien is het met de huidige technieken ook helemaal niet nodig om zoveel suiker te gebruiken om een product veilig te kunnen bewaren.”

Die verlaging van het suikergehalte van 60% naar 55% heeft dus alleen betrekking op jam. Toch brengen jullie ook vergelijkbare producten op de markt met andere namen en samenstellingen zoals 'Hero Minder Zoet'. Wat is het verhaal daarachter?

Bertine: “Hero Minder Zoet bevat 40% minder suiker dan onze gewone jam. Daarmee spelen we in op een doelgroep die minder suiker wil consumeren. Vanwege gezondheidsredenen of omdat ze een puurdere smaak lekkerder vinden. Het product is eigenlijk niet nieuw, want het bestond al veel langer onder de naam Hero Delight. Het heeft alleen een nieuwe naam en een andere uitstraling gekregen. Het zit in een nieuwe pot met een houten deksel.”

Waarom heeft het product een andere naam gekregen? Is dat een marketingstunt geweest: oude wijn in nieuwe zakken?

Frank: “Het heeft vooral te maken met het feit dat de smaak van het product ook echt anders is. Dat er minder suiker in zit proef je. Het klinkt misschien gek, maar niet iedereen verwacht die ogenschijnlijk vanzelfsprekende consequentie. Door het effect van minder suiker letterlijk in de naam te verwerken, zorgen we voor duidelijkheid in het schap en managen we de verwachtingen. Daarnaast weten we uit marktonderzoek dat mensen bij de oude productnaam ‘Delight’ dachten aan een product waar zoetstoffen in zitten. Dat heeft dit product niet, dus we wilden een naam die beter past bij de inhoud.”

Je kunt als bedrijf wel allerlei ethische ambities hebben, maar je moet mensen ook meenemen in dat proces

Er zijn fabrikanten die ervan beticht worden dat ze 'verkapte suikers' toevoegen aan producten om ze zoeter te maken. Hero Minder Zoet bevat geen zoetstoffen. Voegen jullie andere ingrediënten toe om het product zoeter te maken?

Frank: “Er zijn inderdaad producenten die dat doen. Bijvoorbeeld door op het etiket ‘gemaakt met honing’ of ‘gemaakt met suikers gewonnen uit fruit’ te zetten. Het product lijkt dan weliswaar gezonder, maar bevat soms net zoveel suikers.”

Bertine: “Dat soort slimme toevoegingen kunnen misleidend zijn. Met Hero Minder Zoet doen we dat niet. Het product bevat geen zoetstoffen en smaakt dus ook minder zoet.”

Sommige producenten schijnen dat ook te doen met geconcentreerd vruchtensap. Op het etiket van Hero Minder Suiker staat dat er geconcentreerd aronia-bessensap aan toegevoegd is. Wat is daar de reden voor?

Frank: “Aronia-bessensap wordt niet toegevoegd vanwege de verkapte suikers, maar vanwege de kleur. Aronia bessen hebben een dieprood uiterlijk en kunnen dus gebruikt worden als een natuurlijke kleurstof. Fruit is een organisch product en ziet er dus niet altijd hetzelfde uit. Bovendien kan het wanneer het in aanraking komt met de lucht verkleuren. Door de toevoeging van aronia-bessensap heeft het product een constante kleur. Dat vinden mensen er herkenbaar en aantrekkelijk uitzien.”

Waarom hebben jullie deze minder zoete variant op de markt gebracht? Kwam dit voort uit een vraag van consumenten?

Bertine: “We hebben drie soorten Hero-producten: Hero jam, Hero Landfruit (met minder suiker, maar wel met zoetstoffen) en Hero Minder Zoet (met minder suiker en zonder zoetstoffen). Onze ambitie is om mensen gezonder, duurzamer en beter te laten eten, maar we willen dat wel stap voor stap doen. Je kunt als bedrijf wel allerlei ethische ambities hebben, maar je moet mensen ook meenemen in dat proces. Door Hero Minder Zoet op de markt te brengen nemen we een bijna educatieve rol in. We leren mensen weer te wennen aan een minder zoete, natuurlijke fruitsmaak.”

Sommige mensen zijn cynisch over de educatieve rol van de industrie. Vooral als het gaat om producenten die eerst om verkoopredenen veel suiker toevoegen aan hun producten en nu op basis van diezelfde financiële prikkel minder zoete producten op de markt brengen. Is die kritiek terecht?

Frank: “Die kritiek kan waar zijn voor andere voedselproducten, maar gaat niet op voor jam-producenten. Traditioneel gezien wordt jam namelijk met veel meer suiker gemaakt omdat dat de enige manier was waarop je het langer kon bewaren. Door de huidige technieken kan het suikergehalte in jam omlaag zonder dat de houdbaarheid en veiligheid van het product afneemt. Daardoor kunnen we variaties maken met een gezondere samenstelling of een minder zoete smaak.”

Hoe snel de aangebroken pot jam bederft hangt af van veel factoren zoals de bewaartemperatuur en hygiëne in de koelkast

Hoe verloopt zo’n proces van een besluit tot een nieuw product? Wat komt daarbij kijken en wie zijn er bij het ontwikkelen en op de markt brengen betrokken?

Bertine: “Dat begint vaak bij marktonderzoek. Bijvoorbeeld naar aanleiding van een product dat je al op de markt hebt gebracht. Daarbij worden mensen gevraagd naar hun mening, voorkeuren en aanvullende wensen. Verder houden we trends in de gaten en analyseren we wat je in het schap ziet gebeuren. Als we uit zo’n onderzoek terugkrijgen dat mensen minder suiker willen eten maar wel de zoete smaak waarderen, kijken we of we daar een passend product voor kunnen ontwikkelen. Zo is Hero Landfruit ontstaan, met minder suiker maar wel met zoetstoffen. Voor mensen die liever geen zoetstoffen eten is er Hero Minder Zoet.”

Hero Minder Zoet bevat weliswaar minder suiker en geen zoetstoffen, maar wel het E-nummer kaliumsorbaat (E202). Wat doet dat middel voor het product en waarom hebben jullie ervoor gekozen om dit te gebruiken?

Frank: “Kaliumsorbaat zorgt ervoor dat een product minder snel bederft. In principe kunnen we hetzelfde product produceren zonder dat E-nummer. Door de hoge verhitting in het bereidingsproces schakel je namelijk alle bacteriën uit en voorkom je besmetting van het product. Hierdoor kan jam in een gesloten pot vrijwel niet bederven. Zodra de consument de pot opent wordt het product weer aan alle bacteriën in de lucht blootgesteld. Hoe snel de aangebroken pot jam bederft hangt af van veel factoren zoals de bewaartemperatuur en hygiëne in de koelkast. Om het proces van besmetting en bederven te vertragen voegen we kaliumsorbaat toe.”

Wat waren de overwegingen en conclusies op het gebied van voedselveiligheid?

Bertine: “We hebben hier vooraf uitgebreid over gesproken. We zijn ons ervan bewust dat sommige mensen huiverig zijn voor E-nummers, maar dat is in veel gevallen niet terecht. Je kunt zelfs beargumenteren dat kaliumsorbaat het product veiliger maakt omdat je het hierdoor beter kunt bewaren. Het argument van de houdbaarheid en betrouwbaarheid van het product, woog zwaarder dan mogelijke angsten."

Frank: “Het paradoxale effect van de negatieve berichtgeving over E-nummers, zorgt ervoor dat mensen bang worden voor toevoegingen zoals kaliumsorbaat, terwijl die ons voedsel juist veiliger maken. De Warenwet staat een aantal bewaarmiddelen toe voor levensmiddelen. Het feit dat bewaarmiddelen een E-nummer hebben, geeft juist aan dat ze uitvoerig wetenschappelijk zijn getest en veilig zijn bevonden.”

Dus het feit dat een bewaarmiddel een E-nummer heeft, maakt het veilig?

Frank: “Van iedere stof is het consumeren van grote hoeveelheden gevaarlijk. Dat geldt zelfs voor de meest basale ingrediënten en dus ook voor E-nummers. Voor E-nummers is de hoeveelheid die ervan in een product mag zitten overigens ook aan wettelijke regels gebonden. Het gaat dus om hele lage doseringen die inderdaad veilig zijn.”

Met Hero Minder Zoet willen jullie consumenten leren hoe iets met minder suiker smaakt. Je zou kunnen zeggen dat je ze dan ook kunt leren dat een product zonder additieven minder lang houdbaar is of sneller verkleurt?

Bertine: “Wat ons betreft is dat zeker iets om na te streven. We zijn namelijk continu bezig met de vraag hoe we onze producten kunnen verbeteren. Als blijkt dat er een significante doelgroep voor is, zijn we zeker bereid om te onderzoeken hoe we zo’n product in de markt kunnen zetten. We vinden het alleen wel belangrijk om die verandering geleidelijk door te voeren en om mensen altijd de vrije keuze bieden.”

Het gesprek