Hoe heb je een goed gesprek over zoetstoffen, als de meningen op voorhand al lijken vastgepind?

897 keer bekeken

 reacties

Het lijkt een onmogelijkheid te zijn geworden: een constructief gesprek voeren over een thema als zoetstoffen. De afgelopen weken publiceerden we verschillende artikelen over zoetstoffen: wat het zijn, wat de werking is en waarom ervoor wordt gekozen. De reacties op social media laten ons achter met een vraag: Hoe voer je nog een gezond gesprek, als de meningen al zo vast lijken te liggen?

Het was onze intentie om met het vraagstuk dat het thema zoetstoffen afsluit te vragen of zoetstoffen in een gezonde levensstijl thuishoren. De afgelopen weken hebben we gemerkt dat dit niet de vraag lijkt te zijn waar onze lezer behoefte aan heeft, dus gooien we het roer om.

Willen we van elkaar kunnen leren dan moeten we met elkaar in gesprek gaan. We merken dat dit tot nu toe niet is gelukt met de informatie die we hebben gedeeld. Daarom willen we vragen wat er wel nodig is om dit te kunnen doen.

Sandra Sever, Scato van Opstall en Liesbeth Oerlemans zijn kritische lezers en actief op ons platform. Ze starten dit gesprek door hun mening met ons te delen. Ze geven daarmee antwoord op de vragen die op tafel liggen. Sandra spreekt uit wat het algemene sentiment is: het vertrouwen in wetenschap en de industrie is beschaamd. Scato spreekt het instituut aan waar volgens hem de oplossing kan liggen: de EFSA. Zolang daar geen openheid wordt gegeven over hoe ze doen wat ze doen, zal een gesprek zich nooit ergens op kunnen baseren. Hij komt met praktische oplossingen. Liesbeth roept op om naar elkaar te luisteren, wat beweegt mensen om te zeggen wat ze zeggen?

Dit is een uitnodiging om ook aan dit gesprek dat Sandra, Scato en Liesbeth starten, deel te nemen. Het is geen debat, we hoeven elkaar nergens van te overtuigen. De vragen die op tafel liggen: hoe kan je nog je mening vormen als je niet weet welke informatie je kan vertrouwen? Waarom ligt dit thema (zoetstoffen, E-nummers) zo gevoelig en wat is er dan nodig om over dit soort gevoelige onderwerpen te kunnen praten? Kortom: hoe heb je een goed gesprek over zoetstoffen, als de meningen op voorhand al lijken vastgepind?

Sandra Sever

Grafisch vormgever, eigenaar van Flecpoint

In de gesprekken op Facebook merk ik dat gevoelige onderwerpen als zoetstoffen lastig zijn om te bespreken. Volgens mij komt dat door een aantal dingen.

Sandra Sever
Lees verder

Gevoel is het enige waar je je nog op kan baseren

Gevoel valt niet altijd uit te leggen. Ik kan me voorstellen dat de mening die je vormt naar aanleiding van wat je leest wanneer je je in een onderwerp verdiept ook al een bepaald gevoel bevestigd en/of versterkt.

Daar vervolgens een open gesprek over voeren is een mooi uitgangspunt natuurlijk. Dat is wel lastig, omdat de wetenschap het ook niet altijd eens is met elkaar. Waar moet je je als burger nog op baseren?

Iedereen een andere mening over zoetstoffen

Wat het onderwerp zoetstoffen betreft zijn er volgens mij drie groepen mensen in te delen. De eerste groep zijn de mensen die het liefst natuurlijke suikers eten. De tweede groep mensen is voor zoetstoffen en de derde groep maakt het niets uit. Dat maakt een heel open gesprek best moeilijk, want die meningen liggen ver uiteen.

Tegenwoordig weten consumenten ook steeds beter wat ze wel of niet willen, terwijl de voedselindustrie grotendeels de keuzemogelijkheden bepaalt in de supermarkt. Als je echt een open gesprek wilt zal de voedselindustrie naar het beste voor de consument moeten kijken en niet puur naar eigen belang.

Dat maakt een heel open gesprek best moeilijk, want die meningen liggen ver uiteen

Gezondheid is echt belangrijk

Wat mij betreft horen zoetstoffen maar heel erg beperkt in een gezonde leefstijl, mensen die een gezonde leefstijl hebben, eten liever met mate suikers uit fruit en mijden de meeste zoetstoffen. Een gezonde leefstijl is zo min mogelijk uit pakjes en zakjes eten en vooral puur. De vraagstelling of zoetstoffen in een gezonde levensstijl passen, vind ik dan ook suggestief. Want wie een gezonde leefstijl volgt eet al veel minder suiker dan de gemiddelde consument. De kans dat daar alleen discussie op komt is veel groter dan dat we daarna een open gesprek kunnen voeren. 

De discussie over zoetstoffen zou denk ik niet gevoerd moeten worden, het is beter om het te hebben over de vraag hoe de voedingsindustrie kan zorgen dat mensen langer gezond blijven. De voedingsindustrie zou ook kunnen inspelen op de vraag naar een gezonder aanbod. Het lijkt me een goede investering om betere alternatieven op de markt te brengen. Dat mensen dan iets meer moeten betalen, lijkt mij niet het probleem.

Het vertrouwen is weg

Mensen vertrouwen de voedingsindustrie steeds minder, omdat er zo veel misleidende dingen worden genoemd op bijvoorbeeld de verpakkingen. Niet voor niets worden sommige termen die negatief liggen bij de consument door een andere naam vervangen op de verpakking. Zolang de industrie niet transparant is, zal een open gesprek moeilijk worden en wordt het meer discussies en kritiek. Gelukkig zijn er steeds meer mensen kritisch op de industrie (zoals ik).

Wat vind jij van het perspectief van Sandra Sever?

Scato van Opstall

Co-founder van The Karma Brothers en Keet Smakelijk

Zolang de EFSA geen harde garanties kan geven dat ze echt onafhankelijk en transparant zijn, voelt elk advies van een diëtist op basis van EFSA’s bevindingen dubieus. Kritische burgers zien dat als een oordeel gebaseerd op wetenschappelijk drijfzand.

Scato van Opstall
Lees verder

Natuurlijk zijn er belangenverstrengelingen bij EFSA. Soms indirect, soms directer. Vaak zullen wetenschappers elkaar bij de les houden. Maar dan nog... het zijn ook maar mensen. Ze krijgen alleen onkostenvergoedingen van EFSA, maar zijn wel afhankelijk van consultancy-fees en onderzoeksgeld van multinationals. Dat wringt. Een Wageningse professor zegt dat ze ondanks door Nestlé betaalde onderzoeken echt onafhankelijk is met haar oordeel over Aspartaam. Die stof is nooit door specifiek haar zelf onderzocht, maar wordt veel door haar broodheer Nestlé gebruikt. Als argument voert ze aan: ‘‘Ik heb geen idee, eerlijk niet, welke stoffen Nestlé in zijn producten stopt.” Is dat geloofwaardig, voor een prof in voeding? 

Het is niet anders: bijna alle experts hebben wel eens gesponsord onderzoek gedaan. Maak daarom niet alleen huidige en vroegere banden met industrie openbaar, maar ook alle EFSA notulen. Zet vertegenwoordigers van diëtisten en consumentenorganisaties in alle EFSA comité’s, minimaal als toehoorder. Kunnen die kritische vragen stellen en twijfels van consumenten meteen op tafel leggen. Ongefundeerd wantrouwen bestrijden doe je het best bij de bron.

Ook wetenschap kent z’n grenzen en beperkingen

Ook wetenschap kent z’n grenzen en beperkingen. Laat de EFSA een retegoede wetenschapsfilosoof in dienst nemen, die experts scherp houdt en lekenpaniek in het juiste perspectief zet. Bewijzen dat iets onveilig is versus beweren dat iets veilig is: wat mag de wetenschap beweren? Handig opgezet suikeronderzoek voor Coca-Cola’s PR-doelen is echt iets anders dan onafhankelijk fundamenteel onderzoek naar effecten van fructose-glucose siroop. Combinaties van E-nummers onderzoeken is buitengewoon complex en duur, gebeurt dus vaak niet. Wees daar ook eerlijk over. En door Monsanto zelf geredigeerde Glyfosaat-evaluaties, incluis geheime onderzoeken, kan dat wel door de EFSA-beugel?

Tot slot: voeding is de grootse veroorzaker van welvaartziektes en kost de gemeenschap miljarden. Zelfregulering, gelobby en een overmaat aan gesponsorde wetenschap maken deze ramp alleen maar groter. Investeer weer in fundamenteel, onafhankelijk onderzoek en zorg voor daadkrachtig beleid. Dan volgt echte innovatie vanzelf. Door een nieuwe generatie bedrijven die mens, milieu en maatschappij centraal stelt - in plaats van de aandeelhouders.

Scato van Opstall is co-founder van The Karma Brothers en Keet Smakelijk

Wat vind jij van het perspectief van Scato van Opstall?

Liesbeth Oerlemans

Klinisch epidemioloog, docent voeding en kritisch blogger, Uw voeding als medicijn

Eerlijk gezegd aarzelde ik toen ik de vraag kreeg om mijn visie te delen. Communicatie over voeding lijkt wel oorlog, waarbij alles geoorloofd lijkt te zijn. Het op de man spelen is veelal normaal geworden, maar dat is het voor mij allerminst. Ik voel me niet goed thuis in een wereld waar we continu lijken te twijfelen aan elkaars goede bedoelingen.

Liesbeth Oerlemans
Lees verder

Aandachtig luisteren in plaats van overtuigen

Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn, maar je kunt toch minstens naar elkaar luisteren? Aandachtig luisteren naar elkaars gedachten is alleen mogelijk als je de ander respecteert en bereid bent je eigen denkbeelden te toetsen. Het gaat er niet om dat je elkaar overtuigt. Als je dat wilt luister je selectief. Zullen we eens proberen om elkaar te leren kennen? Laten we zoeken naar elkaars drijfveren. Wat is de reden waarom iemand iets denkt? Wat is belangrijk voor die persoon? Het doel van een dialoog is niet je gelijk krijgen of winnen. Maar wie weet levert het je nieuwe inzichten op. Soms kun je ook accepteren dat je van elkaar verschilt.

Elkaar vertrouwen is de basis voor een constructieve dialoog

Iedereen wil graag gehoord worden en zich gerespecteerd voelen. Dat geeft energie. Dat is alleen mogelijk als gesprekspartners gelijkwaardig zijn. We zijn allemaal expert op ons eigen gebied. Met daarbij het voorbehoud dat het wel belangrijk is dat mensen weer beseffen waar hun grenzen liggen. En daar ligt een enorme uitdaging, want iedereen denkt te kunnen communiceren over wetenschappelijke artikelen, maar dat is een vak.

Ik ken zelf de frustratie dat wetenschappers antwoorden in wetenschappelijke termen. Ik dacht dat ze me dan niet serieus namen en dat irriteerde me mateloos. Dat is dé reden geweest om een paar jaar geleden mijn master te doen. Ik besefte toen pas dat wetenschappers mij helemaal niet de mond wilden snoeren maar dat dat gewoon hun taalgebruik is. Het heeft geen zin om je daaraan te ergeren. Het is handiger om aan te geven dat je dat niet begrijpt in plaats van zelf te reageren op iets wat je onvoldoende kunt beoordelen. Je zult dan merken dat ze het graag toelichten. Maar ook wetenschappers zijn mensen en de toon waarop ze worden aangesproken door ongeruste mensen ervaar ik regelmatig als weinig constructief.

Ergens alleen maar tegen zijn inspireert mij niet

Samen op zoek naar oplossingen

Het voedseldebat wordt gedomineerd door spelers die problemen opblazen. Ergens alleen maar tegen zijn inspireert mij niet. Ik leef zelf liever in een wereld waar we om elkaar geven in plaats van elkaar haten. Zeker in een wereld met veel onzekerheid is het fijn om ergens bij te horen en je daarmee te kunnen verbinden. Is het niet fijner om je aan te sluiten bij een groep mensen die naar oplossingen zoekt? Op zoek naar overeenkomsten in plaats van verschillen, zodat we samen vanuit de verschillende invalshoeken de beste oplossing kunnen vinden.

Doe jij mee?

Laten we het praktisch houden. Grote abstracte onderwerpen zijn belangrijk, maar daarover mopperen zal geen betere uitkomsten geven. Laten we daarom proberen onze zorgen concreet en tastbaar te maken, zodat we er bedrijven ook concreet op aan kunnen spreken. Oprechte interesse in elkaar maakt de wereld een beetje mooier.

Liesbeth Oerlemans is klinisch epidemioloog, docent voeding bij Uw voeding als medicijn en kritisch blogger.

Wat vind jij van het perspectief van Liesbeth Oerlemans?