Portret Ton Baas (VBZ): "Ik denk dat wij veel meer een keurmerk zijn geworden"

1183 keer bekeken

Per 1 juni stopt Ton Baas na 14 jaar als directeur bij de Vereniging voor Bakkerij- en Zoetwaren, de brancheorganisatie voor fabrikanten van koek, snoep en chocolade, en hartige snacks. Aan wie hij het stokje overdraagt is nog niet bekend. Dit portret is 42 jaar in vogelvlucht. In dit tweede deel de periode dat hij bij VBZ de hete kastanjes uit het vuur haalde.

De Vereniging voor de Bakkerij- en Zoetwaren is de brancheorganisatie voor fabrikanten van koek, snoep en chocolade. Daarnaast vertegenwoordigt VBZ fabrikanten van hartige versnaperingen. In 2004 werd Baas directeur van het bureau – 9 man en vrouw sterk – dat werkt op dossiers arbeidsverhoudingen en rechtspositie, cao, pensioenen, levensmiddelentechnologie en -wetgeving, en gezondheid.

In welke situatie kwam Baas binnen? “Op dat moment stonden er twee kernpijlers, cao en levensmiddelenwetgeving. Die waren goed op orde. We hielden ons echter totaal niet bezig met ondernemerschap. Ik heb toen voorgesteld een handboek ondernemen te maken.”

Ontzorgen werd het sleutelwoord

De risico’s van bakkerijgrondstoffen

Een handboek ondernemen, hoe ziet zoiets eruit? “Een programma waarin alle risico’s van ondernemers in benoemd worden. We wilden hiermee risicomanagement bij onze leden op het netvlies krijgen. Eerst ontwikkelden we een scan, zodat we konden meten in hoeverre het een aandachtspunt bij hen was. Door de resultaten wisten wij waar een ondernemer zich mee bezig moet houden en anderzijds op welke beleidsterreinen binnen dat risicomanagement wij geen ondersteuning en kennis hebben om aan onze leden te bieden. Op die braakliggende terreinen zijn we kennis gaan kopen.” 

Ontzorgen werd het sleutelwoord. Een groot aandachtspunt was daarbij het uitbouwen van de ingrediëntendatabank SpecsPlaza, welke in kaart brengt welke grondstoffen de bakkerijsector gebruikt, en Riskplaza, een databank die de risico’s en beheersmaatregelen van bakkerijgrondstoffen in kaart brengt. “Toen track and trace in de voedselsector opkwam, en je als producent verantwoordelijk werd geacht voor datgene wat je kocht, moest je auditen in de schakels in de keten achter je. Onze leden werken met zo’n 20 kwetsbare kleine grondstoffen waarvan we destijds eigenlijk niet wisten waar ze vandaan kwamen: kruiden, specerijen, Arabische gom, drop, kaneel, vanille. En zeker niet vanuit welke gebieden en in hoeverre men in die gebieden MVO-verantwoord bezig was. We hebben toen de keten collectief gemaakt door één keer opdracht te geven de toeleveranciers te auditen.”

We hebben altijd zelfregulering omarmd, maar ik vraag me af of dat de enige juiste weg is

Het spanningsveld tussen de bedrijven

Wat vindt hij zo mooi aan de branche? “De enorme diversiteit in producten. Ik zeg altijd, van verantwoorde gezonde rijstwafels tot onverantwoord lekkere spekkies. Dat maakt het vak ook zo moeilijk.” De koek- en snoepbranche staat onder flinke maatschappelijke druk. Het liefst neemt Baas ieder bedrijf binnen zijn branche mee in de omslag naar maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar het ene bedrijf wil daar makkelijker gehoor aan geven dan het andere. “De grote vraag is of wij als VBZ onze energie moeten richten op het groter maken van de koplopers, of moeten doorgaan met het ontzorgen van een grote groep MKB’ers die niet meegaan in onze gedachte. Het is een spanningsveld, want de grote bedrijven die hun maatschappelijke verantwoordelijkheid wel nemen, hebben niet veel geduld meer om te wachten tot het laatste schaap over de dam is.”

Zelfregulering of wetgeving

Het herformuleren van producten is voor de bakkerijbranche eveneens een groot thema. Sturing vanuit de overheid zou een en ander kunnen versnellen. “We hebben altijd zelfregulering omarmd, maar ik vraag me af of dat de enige juiste weg is. Alleen het complexe bij wetgeving is vervolgens, wat ga je dan precies in die wet omschrijven, en zijn we het daar wel over eens?” Baas is dan ook niet tegen wetgeving. “Als het de hele markt verbindt ben ik daar zeker voor. VBZ heeft 110 ledenbedrijven, met nog eens 2000 verkooppunten. Hoe krijg je het gezonde verstand tussen de oortjes van al die ondernemers? Dat kan soms niet anders dan door het maken van wettelijke afspraken.” 

Door een groot aantal bedrijven zijn er toen behoorlijke investeringen gedaan om asbest uit de ovens te halen

Schandalen in de sector

Hoe is het om een branche te vertegenwoordigen waar ook best wel wat kritiek op is? “Ik krijg altijd de glimlach op iemands gezicht als ik zeg dat we de lekkerste branche van Nederland zijn. Maar wij moeten er wel de verantwoordelijkheid aan verbinden om onze producten met mate te consumeren.” Daar schuilt een groot probleem, want consuminderen is lastig als het aanbod zo groot is. Zien eten, doet eten. “Zeker voor onze productgroepen. Op de gekste plekken kom je wel een paar meter snoep tegen, zelfs in bouwmarkten. Bedrijven moeten durven zich te beperken in distributie en verantwoordelijkheid nemen op de plaats van verkoop. Het staat actiever dan ooit op de agenda bij leden van VBZ, in managementteams wordt er veel nagedacht over een andere vorm van groei.”

In 14 jaar tijd heeft Baas een aantal issues meegemaakt. Aan de grondstoffenmarkt kleven gevoelige thema’s, zoals arbeidsomstandigheden, ontbossing en marktwerking. “Verantwoorde sourcing van cacao, palmolie, hazelnoten, daarover moesten we met elkaar in gesprek.” Maar ook aan de productiekant is er het nodige gebeurd, misschien wel de grootste ophef ontstond na een Zembla-uitzending over asbest in broodovens. “Die uitzending over een bakkerij in Soest heeft destijds de hele sector beschadigd. Asbest stond toen al wel in de arbocatalogus, maar zo’n incident maakte het tot een prioritair risico. Samen met NBC en FNV is VBZ gaan inventariseren welke maatregelen bedrijven namen, om daarmee de kwetsbaarheid van de sector minder te maken.”

“Door een groot aantal bedrijven zijn er toen behoorlijke investeringen gedaan om asbest uit de ovens te halen. Door een aantal nog niet, omdat ze aanlopen tegen die investeringen. In de ovens waar het wel aanwezig is, wordt gemonitord door externe bedrijven opdat het asbestveilig is.” Op dit moment zijn nog niet alle ovens asbestvrij, maar wel asbestveilig. De NVWA controleert hierop. “Soms worden er wel vier keer per jaar externe metingen gedaan om te zorgen dat er veilig gewerkt wordt. Bedrijven moeten dat kunnen bewijzen.” En is er een deadline dat de asbest uit alle ovens moet zijn?  “Als bestuur zijn we een ultimatum aan het voorbereiden, vanuit de retail zijn deze verwachtingen er ook.”

Wil je overgewicht terugdringen, dan zit ‘t ‘m veel meer in het gezamenlijk optrekken met de overheid

VBZ als keurmerk

Baas kijkt tevreden terug op zijn directeurschap. “Ik ben er trots op dat het VBZ als merk staat en met name voor kwaliteit en verantwoordelijkheid. Ik denk dat wij veel meer een keurmerk zijn geworden, zoals de BOVAG. We weten waar de issues liggen en kennen de verantwoordelijkheden. Het is aan mijn opvolger om dat nadrukkelijker in de markt te zetten.”

“Er is absoluut nog een heleboel te doen, maar we worden niet meer verrast. Door gezamenlijk op te treden, diverse projecten te doen en kennis in te kopen zijn we een veel minder kwetsbare branche geworden. Vanuit die pro-activiteit moeten we durven stappen te maken.” 

Marketing op producten voor kinderen

Hoe zit dat met het verbod op licensed characters waar al jaren over wordt gesproken? “Dat is voor mij symboolpolitiek. Het gaat om kleine marktaandelen in segmenten, het verbod op licensed characters zal weinig zoden aan de dijk zetten als je kijkt naar het grotere plaatje. Wil je overgewicht terugdringen, dan zit ‘t ‘m veel meer in het gezamenlijk optrekken met de overheid, onder andere door van het Preventieakkoord een succes te maken. Zorg ervoor dat we meer bewegen en de calorie-inname en -verbranding in balans brengen. Maar, ik snap ook dat als het zo belangrijk wordt gevonden en het maakt voor de omzet niet veel uit, waarom haal je ze er dan niet af?”

Toch heeft Baas niet alles kunnen bereiken wat hij wilde bereiken, de grootste gemiste kans is volgens hem één basis-cao voor de gehele voedingsindustrie. “Daarmee zijn enorme besparingen te realiseren. Het is een fenomeen, je eigen dingen blijven doen en niet delen. Daar zit weerstand op vanuit werkgelegenheid. Zonde, want er zit nauwelijks verschil in de onderliggende cao’s. Ik vind het heel jammer dat dat nooit gelukt is.”

Misschien moeten we minder ontzorgen, en meer richten op de koplopers

De toekomst van de sector

En het advies aan zijn opvolger? “Wil je als sector overeind blijven, dan moet je luisteren naar de maatschappelijke druk op het gebied van overgewicht, bestrijden van kinderarbeid, verbetering van arbeidsomstandigheden, en duurzame grondstoffen. Misschien moeten we minder ontzorgen, en meer richten op de koplopers die hun verantwoordelijkheid nemen en op die manier zorgen dat de rest ook meegaat.”