GroentenFruit Huis: ‘Wanneer er sprake is van een incident, komt ons crisisteam bij elkaar’

561 keer bekeken

 reacties

Hoe zorgt de groente- en fruitsector ervoor dat de producten die wij eten veilig zijn? Hoe zit het met de kwaliteit van importproducten? En wie komt er in actie als voedselveiligheid binnen deze sector in het geding komt? We spreken hierover met Peter Verbaas, projectdirecteur Voedselveiligheid & Ketenborging bij GroentenFruit Huis.

Welke rol speelt GroentenFruit Huis bij veilig voedsel?

“Er zijn meerdere rollen die we vervullen met betrekking tot voedselveiligheid. Als nieuwe wetgeving op handen is, kijken we mee of de wetgeving praktisch toepasbaar en implementeerbaar is voor groente- en fruitbedrijven. Wanneer blijkt dat dit niet zo is, gaan we daarover in gesprek met ons netwerk, bijvoorbeeld met beleidsmakers bij toezichthouders als douane, NVWA, en KCB, om alsnog tot praktische en duidelijke richtlijnen te komen. Vervolgens blijven we in gesprek met de beleidsmakers en uitvoerende toezichthouders zodat de hierboven beoogde doelen ook blijvend worden gerealiseerd.”

“Ondanks strenge wetgeving, kunnen in de praktijk dingen gebeuren die niet de bedoeling zijn en die toch niet voorzien waren. In zo’n geval kijken mijn collega’s en ik naar hoe we kunnen bijdragen aan de oplossing. De collega’s in de eiersector hadden een fipronil-achtig incident ongetwijfeld niet voorzien. Het gebeurde toch. Er is in tijden van een crisis een heleboel werk te doen om het probleem op te lossen en de volksgezondheid te beschermen, en tegelijkertijd het voortbestaan van bedrijven zo goed mogelijk te waarborgen.”

Door middel van Food Compass kon snel achterhaald worden of ergens fipronil terug te vinden was

Hoe gaan jullie tijdens een crisis te werk?

“Wanneer er sprake is van een incident, komt ons crisisteam in actie. Het crisisteam bestaat uit vertegenwoordigers van elk van de deelsectoren: Plantum, LTO(-glaskracht), CBL en GroentenFruit Huis. Ieder lid van het team heeft in de eigen organisatie collega’s stand-by staan voor inhoudelijke acties of nader advies."

“Afgelopen zomer kreeg ook onze sector te maken met de fipronil-crisis. Er zijn meerdere raakvlakken. Een daarvan is dat de Nederlandse tuinbouw soms ook mest van kippenbedrijven gebruikt. De kans was aanwezig dat er mest gebruikt was afkomstig van een van de getroffen kippenbedrijven. Door middel van het sectorale monitoringssysteem Food Compass kon snel achterhaald worden of ergens fipronil terug te vinden was dat aan de kippensector te relateren was. Gelukkig bleek dit niet zo te zijn. Dit werd niet alleen teruggekoppeld aan de toezichthouders bij de NVWA, maar ook aan de bedrijven die bij ons zijn aangesloten, zodat zij het juiste verhaal met de juiste feiten konden communiceren. Daarnaast hebben we, aan de hand van alle beschikbare informatie, voor de lange termijn bepaald hoe we ons als sector in de kwestie positioneren wanneer het tot een internationale discussie tussen overheden was gekomen.”

Wanneer het monitoringssysteem een te hoge wettelijk vastgestelde waarde meet, wordt dit direct teruggekoppeld

Hoe werkt het monitoringssysteem? Welke gegevens worden daarin verwerkt?     

“We werken al 15 jaar samen met Food Compass, de stichting die is toegespitst op het monitoren van voedselveiligheid binnen de groente- en fruitstromen in Nederland. Het overgrote deel van de sector is vrijwillig lid en betaalt daar ook voor. Verse en onbewerkte groenten, fruit en paddenstoelen worden gecontroleerd op residuen van gewasbeschermingsmiddelen. Na de EHEC-crisis in 2011, die onze sector erg veel pijn heeft gedaan, is Food Compass uitgebreid met microbiologische analyses op humaanpathogene besmettingen. Sinds 2016 wordt ook de uitgangswaterkwaliteit (het water wat gebruikt wordt voor onder andere irrigatie, gewasbescherming en transportprocessen) op productiebedrijven door haar gecontroleerd."

“Wanneer het monitoringssysteem een te hoge wettelijk vastgestelde waarde meet, wordt dit direct teruggekoppeld aan het betreffende bedrijf. Wanneer de volksgezondheid in direct gevaar is, krijgt de hele sector een melding. Ook maken we dit feit kenbaar aan de NVWA. Leden zijn zowel bij kleine als grote incidenten verplicht zelf actie te ondernemen, eventueel kunnen ze onze hulp inroepen. De resultaten van het hele monitoringsprogramma zijn beschikbaar voor alle leden en delen we met deskundigen waar nodig.”

Hoe zit het met producten die we importeren?

“Het gebeurt enkele keren per jaar dat een product niet wordt toegelaten in Nederland, als het gaat om voedselveiligheidswetgeving. Dit is op een totaal van vele (tien)duizenden zendingen die jaarlijks ons land binnenkomen. De EFSA en de NVWA maken risicoprofielen waarin landen, producten en kenmerken zijn opgenomen waar tijdelijk extra naar gekeken moet worden. Sommige producten staan onder verhoogd toezicht, andere onder minder toezicht. Bijvoorbeeld sinaasappels uit Egypte hebben heel lang op de lijst met hogere risico’s gestaan. Ieder kwartaal komt er een actuele lijst vanuit Brussel met producten die onder dit scherp toezicht blijven, komen of vrijgesteld worden. Het is overigens niet zo dat die producten per se een risico voor de volksgezondheid vormen. Ook is de lijst een middel om druk uit te oefenen op betreffende landen om te zorgen dat preventief toezicht dat niet optimaal geregeld is, wordt verbeterd.”

Er wordt goed afgestemd aan welke eisen een product moet voldoen om Europa in te mogen

“Onze leden hebben betrouwbare relaties in de hele supply chain, van producent tot havenbedrijf. Er wordt met deze relaties goed afgestemd aan welke eisen een product moet voldoen om Europa in te mogen, en op welke wetgeving dit is gebaseerd. Het is een gecontroleerde keten, met aan het eind onze toezichthouders van de douane die de producten op vaste punten controleren voor ze toestemming geven voor grenspassage."

Welke producten importeren we in Nederland? En zijn deze producten van andere kwaliteit dan de producten die we exporteren?

“Producten die wij importeren zijn meestal producten die we op dat moment niet in Nederland kunnen telen. De geïmporteerde producten voldoen aan dezelfde wetgeving als producten geteeld op eigen bodem, en zijn dus van vergelijkbare kwaliteit en veiligheid. In Nederland stelt zowel de inkoper van groente en fruit als de supermarkt hoge eisen aan het product. Sterker nog, het product is vaak van een veel hogere kwaliteit dan de wetgeving vereist. Wanneer je producten vanaf de andere kant van de wereld hierheen vervoert, kost dit de nodige inspanning en het nodige geld. Het risico dat een product niet geaccepteerd wordt is dus simpelweg te hoog om concessies aan de kwaliteit te doen. Je kunt er daarmee zeker van zijn dat de groente en fruit die je in Nederland koopt van een hoge kwaliteit zijn.”

Het gesprek